woensdag 16 januari 2013

De samenzwering op het Schoon Verdiep

Tom Naegels beschrijft in zijn column in De Standaard hoe op "een nieuwsarme dag" een oproep tot betogen op een obscure webpagina kon uitgroeien tot een controverse rond samenscholingsverboden. Die controverse hield de goegemeente dagenlang bezig. Het kan echter ook zijn dat dit proces ietwat anders is verlopen. Bijvoorbeeld zo:

Tijdens het scheren luistert burgemeester-en-partijvoorzitter Bart De Wever op woensdag 9 januari naar 'De Ochtend' op Radio Eén. Bij het ontbijt neemt hij ook de kranten door. Hij is duidelijk ontstemd. De berichtgeving gaat niet een keer over hemzelf, noch over de N-VA. En gisteren was het ook al van dat. Dit kan zo niet langer. Er moet dringend ingegrepen worden. Aangekomen op het Schoon Verdiep telefoneert hij onmiddellijk woordvoerder Philippe Beinaerts.

Bart De Wever: “Ah, Philippe. Hoe is 't?”
Philippe Beinaerts: “Ah Chef. Met mij goed. En met U?”
Bart De Wever: “Niet zo goed, man. We zijn al twee dagen de control over het nieuws kwijt. Dat kan zo niet verder, he. Er moet direct iets gebeuren. Direct, he! Enne, Philippe, ge moogt mij niet 'Chef' noemen, he. De muren hebben oren en de vijand luistert mee. Straks doen ze met die 'Chef' hetzelfde als in den tijd met den 'Duce'. Of nog erger... Zeg maar gewoon Bart, he.”
Philippe Beinaerts: “Geen probleem, Chef Bart. Maar... wat wilt ge dat ik doe aan die controle over het nieuws? Daar kan ik toch echt niet veel aan doen? Of wel?”
Bart De Wever [zucht in zichzelf over Beinaert's traagheid van begrip]: “Awel, we moeten direct nieuws maken, he. Eender wat, als het maar in de gazet komt. En op TV. En op de radio, natuurlijk. Trouwens, komende vrijdag hebben we toch schepencollege, niet? Is er daar geen beslissing die we rap kunnen nemen en die wat stof doet opwaaien?”
Philippe Beinaerts: “Er staat maar een punt op de dagorde, Chef... euh... Bart. Iets over het Droogdokkenpark. Maar een echte beslissing is dat niet. We moeten die zaak alleen maar doen voorleggen aan de gemeenteraad.”
Bart De Wever: “Neenee, dat is niet goed genoeg. We moeten met iets pakkends kunnen uitpakken.”
Philippe Beinaerts: “Zouden we dan de N-VA-schepenen niet beter bijeen roepen? Als we met meer zijn, zullen we rapper iets kunnen bedenken, he.”
Bart De Wever: “Goei idee. Roept ze maar samen. We zullen nog eens goe aan den boom gaan schudden, zie.”

Philippe Beinaerts belt de N-VA-schepenen op en een half uur later zitten ze samen in de collegezaal van 't Schoon Verdiep. Schepen voor sociale zaken Liesbeth Homans voert het hoge woord.

Liesbeth Homans: “Veiligheid! Dáár moeten we iets rond doen. Dat valt altijd goed. De grondstroom van ons volk smácht naar veiligheid! En tussendoor snoepen we nog wat meer aanhang weg bij 't Vlaams Blok. Euh, Belang. En de linksen stampen we er nog eens goed mee tegen hun schenen. Altijd meegenomen. Keigoe!” [grijnst verheerlijkt]
Bart De Wever [droedelt verveeld op briefpapier van 't stad]: “Heel goei idee. Denkt daar maar wat verder op door. Maar ondertussen heb ik nog een ander idee.” [Legt ferm zijn balpen neer] We schaffen diene slogan van de Patrick gewoon áf. Komen we gegarandeerd mee in het nieuws. En het kost ons niks he, want eerst moeten we al die tonnen papier toch nog opgebruiken.” [glimlacht triomfantelijk]
Koen Kennis (schepen van financien): “Jamaar, Bart, zó simpel is dat nu ook weer niet, he. Denk eens aan al die bedrijfsvoertuigen. Van de vuilkar, van de groendienst en van wat weet ik al niet. Die moeten allemaal bijgeschilderd worden. Dat gaat tijd en dus geld kosten, he man. En verf, natuurlijk.”
Bart De Wever [maakt een afwimpelend gebaar]: “Och Koen, dat zijn zorgen voor later, he. Ondertussen staan we toch weeral in de gazet, he. En zijn we terug op TV. En op de radio.”
Liesbeth Homans: “Ik heb ondertussen nog wat nagedacht over die veiligheid. Zouden we eens niet kunnen bellen met den Dams?”
Nabila Ait Daoud (schepen voor jeugd): “De Dames? Tof, dat ge ook de jeugd er wilt bij betrekken!”
Bart De Wever: “Neenee, Nabila, nie die Dames, den Dams. De procureur, he.”
Nabila Ait Daoud bloost verlegen en zwijgt.
Rob Van de Velde (schepen voor ruimtelijke ordening en middenstand): “Jamaar, Bart. Den Dams, dat is nen tsjeef, he. Met die mannen moet ge oppassen.”
Bart De Wever: “Och, Rob. Die mannen heb ik al eens een kleedje gepast, he. En daarbij, soms heeft den Dams goei ideeën. Allé, Philippe, belt hem eens op!”
Philippe Beinaerts: “Direct, Chef Bart!” [De Wever rolt vertwijfeld met de ogen]

Tien minuten later komt Philippe Beinaerts terug en meldt met grote vreugde dat 'den Dams' onderweg is. Het gezelschap is ondertussen bezig met het op punt zetten van het collegebesluit waarmee de slogan 't stad is van iedereen definitief naar de vuilnisbak van de geschiedenis wordt verwezen. Een kwartier later komt Herman Dams heel pompeus aan op de vergadering.

Herman Dams: “Ah, Mijnheer de Burgemeester. Het is mij een genoegen.”
Bart De Wever: “Voor mij ook, Herman. Voor mij ook.”
Herman Dams [niet uit zijn lood geslagen]: “Mijnheer de Burgemeester, ik wens wel met mijn titel aangesproken te worden!”
Bart De Wever [knippert verbaasd met de ogen]: “Oh... maar... ja. Natuurlijk. Rang en stand. Dat mogen we zomaar niet te grabbel gooien. Uiteraard, Mijnheer de Procureur!”
Herman Dams [zichtbaar vergenoegd]: “Bon, wat kan ik voor de dames en heren betekenen?”
Liesbeth Homans [in zichzelf mompelend]: “Betekenen, betekenen... Doen ja!”
Philippe Beinaerts: “Chef Bart vindt dat we iets moeten doen. We zijn de controle over het nieuws al twee dagen kwijt. Er moet dus dringend iets gebeuren!”
Herman Dams: “Ah zo. En wat dan wel?”
Bart De Wever [ongeduldig]: “We moeten nieuws maken, he Herm... euh... Mijnheer de Procureur.”
Liesbeth Homans: “Nieuws rond veiligheid!”
Herman Dams: “Tsja, spijtig. Ik had al dat bericht rond de vervolging van de patsers. Maar dat was vorig weekend...”

Het gezicht van de aanwezigen licht plots op. De herinnering aan Dams' vervolging van Marokkaanse jongeren met dure wagens doet hen duidelijk deugd.

Rob Van de Velde: “Ja, dat vond ik nu echt eens goed gevonden!”
Liesbeth Homans [met brede glimlach]: “Absoluut!”
Herman Dams [trots]: “Binnenkort pak ik weer met iets uit. Ik ga de bevolking mobiliseren...”
Bart De Wever [verschrikt]: “De bevolking mobiliseren? Is dat niet gevaarlijk? Gij klinkt al zoals die extremiste uit Borgerhout. Allé, hoe heet ze weer?”
Liesbeth Homans: “Zorrho Ottomans of zoiets.”
Nabila Ait Daoud [stilletjes]: “Othman, Liesbeth, Zohrá Othman.”
Liesbeth Homans [blazend]: “Allé, als gij het zegt...”
Herman Dams [sluw]: “Neenee, zo bedoel ik het niet. Natuurlijk niet! Nee, ik ga de bevolking oproepen om de politie te helpen! Een beetje zoals die buurtinformatienetwerken, maar dan zonder dat ze... euh... netwerken, he. De mensen moeten alleen de politie bellen. Als ze iemand verdacht zien. Of zo.”
Rob Van de Velde glimlacht.
Bart De Wever: “Awel, zo hebben wij ook iets nodig. Is er nu zo niks te vinden waar we een spel rond kunnen maken?”
Koen Kennis: “Liefst ook iets dat met Borgerhout te zien heeft. Kunnen we die linksen daar en passant ook nog wat jennen.”
Bart De Wever [monkelend]: “Mijn gedacht!”
Herman Dams [onverstoorbaar]: “Informeert eens bij uwe korpschef ad interim.”
Bart De Wever: “Ah ja, de Serge! Dat ik daar niet eerder aan gedacht heb. Ik zal hem direct eens bellen, zie!”

Bart De Wever verlaat de vergadering en telefoneert Serge Muyters, korpschef ad interim van de stedelijke politie.

Serge Muyters [bars]: “Allo, allo!”
Bart De Wever [geamuseerd]: It is I, Leclerc. I am in disguise...”
Serge Muyters: “Zeg, flauwe plezante. Dat is strafbaar, he! [mopperend] De politie lastig vallen met onnozel moppen...”
Bart De Wever [op zijn hoede]: “Sorry, sorry. 't Is den Bart hier, he. Ge weet wel, den burgemeester.”
Serge Muyters: “Ah burgemeester! Welk goed nieuws? Of is 't slecht nieuws? [ongerust] 't Gaat toch niet over mijn benoeming he?”
Bart De Wever: “Neenee, Serge, dat is veel te vroeg he. Eerst nog dat assesment en zo he, jong. En Turtelbie moet dan ook nog akkoord gaan...”
Serge Muyters [opgelucht]: “Ja, natuurlijk. Maar ge kunt nooit weten, he. Gij met uwen lange arm...”
Bart De Wever: “Niet overdrijven, he. [korzelig] Uwen arm is anders ook niet van de kortste. Neenee, we moeten dringend wat nieuws maken. Laten zien aan jan en alleman dat wíj het zijn die bepalen, wat er hier gebeurd en wanneer en waar en hoe. Verstaat ge?”
Serge Muyters: “Ik versta het! En dat moet iets zijn in Borgerhout, zeker?”
Bart De Wever [vergenoegd]: “Eindelijk ne man met een snel begrip! Inderdaad, in Borgerhout. Tegen die linksen daar. En tegen al de rest van het schorremorrie daar!”
Serge Muyters [schouderophalend]: “Tsja, spijtig, maar er is mij echt niks opgevallen dat we kunnen gebruiken.”
Bart De Wever [smekend]: “Maar allé, kunnen we nu echt niks vinden?”
Serge Muyters [richt zijn vrije hand ten hemel]: “Nee, echt niet. [Zwijgt enkele ogenblikken en denkt na] Tenzij... we iets ineen steken, natuurlijk...”
Bart De Wever: “Mijn gedacht! Aan wat denkt ge?”
Serge Muyters [aarzelend]: “Wel, 't is natuurlijk niet echt legaal... maar... we zouden kunnen zeggen dat er sms-en verspreid worden met oproepen om te betogen. En dan... dan kunnen we die betoging verbieden, he. En daar boven op nog een samenscholingsverbod uitroepen. Kunnen we nog eens uitpakken met GAS-boetes en combitaksen voor de overtreders. Laat ze ons daarna maar robocops noemen” [grijnst]
Bart De Wever: “Ja, dat klinkt goed, maar... betogen tegen wat? Want als ze tegen mij betogen, dan kan ik dat moeilijk verbieden, he. Dat zou wel heel klein overkomen. Dan ben ik weer de Calimero...”
Serge Muyters: “Neenee, niet tegen u. Tegen die cartoons in Frankrijk, he.”
Bart De Wever [ietwat verward]: “In Frankrijk? Cartoons? Tegen Hollande? [peinzend] Ja, dat zou misschien wel goed uitkomen. Ben ik ineens de verdediger van een bevriend staatshoofd. En... de linksen kunnen daar niet tegen zijn. [ineens terug ferm] Maar nee, toch beter niet. Die linksen... Die wil ik juist nen hak zetten, he.”
Serge Muyters [rollend met de ogen]: “Maar nee, niet tegen Hollande! Tegen die cartoons over de Mohammed, he! Altijd goed voor een relleke.”
Bart De Wever: “Ah ja! Natuurlijk! Heel goed gevonden! Begin er maar aan. Steekt dat bericht maar al ineen. Binnen een half uur in mijne mailbox, OK?”
Serge Muyters: “Komt in orde, Bart.”

Bart De Wever gaat voor het raam staan en haakt zijn duimen achter de revers van zijn vest. “Ja, denkt hij, nú is het stad pas écht vooral van ons! En de rest komt nog!”

donderdag 10 januari 2013

Nieuwe gemeenteraad begint met democratische tekorten

Autoritaire tendensen bij de installatie van de nieuwe Antwerpse gemeenteraad – Uiterst beperkte beleidsmarges voor de Antwerpse districten – Scherpe woordenwisselingen in Antwerpen en Borgerhout – Vermeende sociale fraude dan wel groeiende armoede als pijnpunt bij het OCMW – Onduidelijkheden en tegenstellingen bij Groen – Naar een nieuw organisatiemodel voor de sp.a? – De stap terug van Rood!-stichter Erik De Bruyn – Vragen van en voor de PVDA – Vlaams Belang op de sociale toer? – De zelfactiviteit van de sociale bewegingen...

[ P.S.: Deze blogpost is nogal lang uitgevallen. Om het geheel (hopelijk) leesbaarder te maken, heb ik een inhoudstafel of overzicht toegevoegd. Zo kan de lezer/es alles op zijn/haar eigen ritme doornemen. Spijtig genoeg ontbeer ik voorlopig (?) de mogelijkheid om elke dag korte(re) stukjes te schrijven... ]

Peter Veltmans


Overzicht


Uit de Gemeenteraad

Onder grote publieke belangstelling werd op 2 januari 2013 de nieuwe Antwerpse gemeenteraad eindelijk ingezworen. Meer dan 200 aanwezigen vulden de (schaarse) publieksbanken, terwijl er voor het stadhuis verzameld werd door actievoerders van Ademloos, leden van de socialistische bediende- en ambtenarenbonden BBTK en ACOD, het Anti-Fascistisch Front, de PVDA en Rood!. In een 'normale' werkelijkheid zou de installatie van een nieuwe gemeenteraad een ware hoogmis van de democratie kunnen zijn. Niet zo te Antwerpen. Daar start men blijkbaar liever met democratische tekorten.

Scheiding der machten?

De media focuste vooral op het feit dat Bart De Wever niet alleen de rol van burgemeester wil uitoefenen, maar ook de post van voorzitter van de gemeenteraad opeist. Vanop de oppositiebanken werd deze ambitie fel gehekeld door Filip Dewinter (Vlaams Belang) en Meryem Almaci (Groen). Zij spraken allebei over "een gemiste kans voor de democratie". Dat is het inderdaad, want daar waar een burgemeester deel uitmaakt van de uitvoerende macht, behoort de voorzitter van de gemeenteraad tot de wetgevende macht. Door beide posten te combineren, doorbreekt De Wever feitelijk de door Montesquieu zo geroemde 'scheiding der machten'. De vertegenwoordigers van de PVDA genoten blijkbaar vooral na van het grote applaus dat hun eedaflegging hen opleverde, want in dit debat vielen ze vooralsnog niet op. Ook de sp.a liet er zich niet over horen. Hetgeen wellicht mee te wijten is aan een gelijkaardige aanpak in het verleden, toen verschillende burgemeesters van sp.a-signatuur in Antwerpen eveneens beide posten combineerden.

Volmachten

In een normale democratie debatteren de verkozenen des volks (i.e. de wetgevende macht) ook eerst over de inhoud van het uit te voeren beleid (waarna ze die inhoud goedkeuren, desnoods meerder- tegen minderheid), alvorens ze de uitvoerende macht aanduiden. Daardoor weet die uitvoerende macht (in dit geval het schepencollege) meteen aan welk beleid zij geacht wordt uitvoering te geven. In Antwerpen doet men het tegenwoordig precies andersom: men verkiest eerst het schepencollege, men publiceert het nog niet door de gemeenteraad goedgekeurde bestuursakkoord alvast op de stedelijke website en... men stelt de discussie over het bestuursakkoord uit tot het einde van de maand. Feitelijk geeft de gemeenteraad hiermee oncontroleerbare volmachten aan het schepencollege. Men installeert daarmee voor minstens enkele weken een feitelijke dictatuur.

Machtsoverschrijding

Alsof hij dat nog eens wou onderstrepen, verklaarde de nieuwe, rechtse burgemeester vóór de installatie van de nieuwe gemeenteraad al in een TV-interview dat "de verandering al is begonnen". Meer bepaald verwees hij – zonder in details te treden – naar "beslissingen rond het drugsbeleid, de verdriedubbeling van de politiecapaciteit, de verdubbeling van de gerechtelijke capaciteit en het strenger optreden rond vuurwerk en overlast". Allemaal zaken waarover in de gemeenteraad nog geen woord gezegd werd. Ik zou geneigd zijn om te spreken over machtsoverschrijding of usurpatie, want De Wever geeft daarmee een wel heel ruime invulling aan de bevoegdheden van de burgemeester inzake veiligheid. Artikel 134, § 1 van de nieuwe gemeentewet stipuleert weliswaar dat "de burgemeester, in plaats van de gemeenteraad, politieverordeningen kan stellen", "In geval van oproer, kwaadwillige samenscholing, ernstige stoornis van de openbare rust of andere onvoorziene gebeurtenissen, waarbij het geringste uitstel gevaar of schade zou kunnen opleveren voor de inwoners". Afgezien van het eindejaarsvuurwerk kan men zich de vraag stellen wat er onvoorzien is aan het drugsbeleid of hoe 'het geringste uitstel' van de verveelvoudiging van de politionele en gerechtelijke capaciteit 'gevaar of schade zou kunnen opleveren voor de inwoners'...? Bovendien stelt diezelfde gemeentewet dat de burgemeester in zo'n geval verplicht is om over dergelijke daden "onverwijld aan de gemeenteraad kennis te geven [...], met opgave van de redenen waarom hij heeft gemeend zich niet tot de raad te moeten wenden". Waarna dit wetsartikel besluit met "Die verordeningen vervallen dadelijk, indien zij door de raad in de eerstvolgende vergadering niet worden bekrachtigd". De linkse oppositie zal wel weten welke vragen te stellen en welke motie in te dienen tijdens die 'eerstvolgende vergadering'...

Terug naar overzicht


Uit de districten

Ook de wisselwerking met de districtsraden levert nogal wat problemen op. In het verleden was het zo dat de bestuurscoalities op het niveau van de districten zoveel als mogelijk een afspiegeling vormden van de stedelijke coalitie. Dat zal ditmaal niet langer het geval zijn. Slechts in vier districten gaat het om dergelijke afspiegeling. Weliswaar zal de N-VA als partij aanwezig zijn in acht van de negen districtsbesturen. De partners zijn echter zeer verschillend. In de districten Hoboken, Merksem en Berendrecht-Zandvliet-Lillo wisten sp.a en Groen zich binnen te wurmen in de lokale meerderheid. In de oude kernstad kwamen N-VA, OpenVLD en Groen dan weer tot een akkoord, waarbij CD&V knarsetandend uit de boot viel. De enige districtscoalitie die volstrekt uit de toon valt, is zoals bekend deze te Borgerhout, waar de kartellijst van sp.a en Groen scheep gaat met de PVDA, zonder en bijgevolg tegen de meerderheidspartijen op het Schoon Verdiep. In Borgerhout wordt het dan ook uitkijken hoe het progressieve districtsbestuur rond haar ambitieuze plannen een draagvlak zal kunnen creëren waar dat Schoon Verdiep niet tegen opkan (zie ook verder).

Zelfstandig beleid?

Het ontstaan van dit lappendeken aan coalities kan echter niet verhullen dat de marges om een zelfstandig beleid te voeren op het niveau van de districten erg beperkt zijn. In het algemeen is het zo dat de districten vooral bevoegd zijn voor de zogenaamde 'persoonsgebonden' materies (denk aan cultuur, sport, jeugd, senioren en dergelijke). Hoewel diverse districten allerlei plannen inzake fietspaden en veiligheid voor de zwakke weggebruikers opnamen in hun bestuursakkoorden, is het toch wel zo dat de stad (in het dus nog steeds niet door de gemeenteraad goedgekeurde bestuursakkoord!) de wijkcirculatieplanning grotendeels, zo niet volledig, naar zich heeft toegetrokken. Veel ruimte om inzake mobiliteit eigen accenten te leggen, blijft er daardoor niet meer over. Tenzij de gemeenteraad dit onderdeel van het bestuursakkoord alsnog zou wijzigen (wat weinig waarschijnlijk is). Zo niet, dan heeft Meryem Almaci overschot van gelijk wanneer zij op de website van Groen-Antwerpen het districtsbeleid omschrijft als "het a la tête du client omgaan met de districten".

Geen cadeau

Dat betekent meteen dat oppositiepartijen zoals sp.a en Groen zichzelf geen cadeau gedaan hebben, door samen met N-VA deel te nemen aan deze grotendeels machteloze districtsbesturen. Problematisch zijn daarbij vooral districten als Antwerpen en Merksem, die inzake mobiliteit rechtstreeks onder druk zullen komen te staan, onder andere (maar niet alleen!) bij de uitvoering van het BAM-tracé (respectievelijk op Linkeroever en rond het Sportpaleis). De keuze om in te treden in dergelijke districtsbesturen ondermijnt feitelijk de oppositiemogelijkheden van sp.a en Groen op het niveau van de stad in haar geheel.

Antwerpen en Borgerhout

Bij de installatie van de nieuwe districtsraden van Antwerpen en Borgerhout hadden de rechtse partijen gehoopt de show te kunnen stelen. In Antwerpen hoopte vooral N-VA uit te pakken met de eerste districtsburgemeester van Turkse afkomst. Het Vlaams Belang dacht haar kans schoon te zien door scherp van leer te trekken tegen de hoofddoek van PVDA-districtsraadslid Karima Amalika (daarbij abstractie makend van het keppeltje van OpenVLD-raadslid Samuel Markowitz). In Borgerhout trokken Alain Herremans (N-VA) en Nahima Lanjri (CD&V) tijdens de installatievergadering dan weer fel van leer tegen de aanwezigheid van 'extremisten' in de progressieve districtscoalitie. In beide gevallen wist de PVDA hen te loef af te steken. In Antwerpen via de woorden van Nadine Peeters (PVDA-fractieleidster in het district): “Laat ons alsjeblief ook in dit district inzetten op een beleid dat uitgaat van de noden van de inwoners en dat probeert hen te verbinden in plaats van te verdelen”. In Borgerhout door de gevatte repliek van PVDA-districtsschepen Zohra Othman: “De enige graadmeter zal voor ons de Borgerhoutse bevolking zelf zijn en niet de verwijten rond extremisme”. Later op de avond kreeg ze de vraag toegeworpen wat ze zou doen als het schepencollege van de stad de plannen van het district inzake het verkeersvrij maken van het Moorkensplein niet zou willen honoreren. Ze antwoordde laconiek dat dan “de bevolking zal gemobiliseerd worden”. Alvast een duidelijk antwoord.

Terug naar overzicht


Over het OCMW

Na de gemeenteraad werd ook de raad van het OCMW geïnstalleerd. Meestal is dat iets wat meer in de schaduw gebeurt. Niet zo deze keer. De nieuwe voorzitster van het OCMW (en tevens superschepen voor sociale zaken) is immers N-VA-coryfee Liesbeth Homans. Die liet in tal van interviews verstaan dat ze weliswaar oog wil hebben voor “mensen die echt hulp nodig hebben”, maar dat ze toch vooral vindt “dat er in het verleden te weinig politieke steun bestond om sociale fraude aan te pakken”. Die uitspraak schoot terecht in het verkeerde keelgat van de sp.a. Haar vertegenwoordigers in de OCMW-raad wezen er eerst op dat er ook in het verleden reeds streng gecontroleerd werd op mogelijke sociale fraude. Bovendien benadrukten ze “dat fraude slechts in een minderheid van de gevallen gebeurt; door haar uitspraken creëert de nieuwe OCMW-voorzitter meteen een weinig genuanceerd beeld van de Antwerpse OCMW-klanten”.

Opvallende nieuwkomers

Bij de leden van de OCMW-raad zijn er ook drie opvallende nieuwkomers. Zo vaardigt N-VA Chris Morel, vader van wijlen Marie-Rose Morel af. De man kan zich enkel verplaatsen via een rolstoel, waardoor de OCMW-raad moest uitwijken naar het Elzenveld, blijkbaar de enige (!) zaal van het OCMW die ook toegankelijk is voor rolstoelgebruikers. Groen vaardigt dan weer Dirk Avonts af, een bekende dokter die reeds zeer actief was bij actiegroep Ademloos. De PVDA van haar kant kan uitpakken met Dirk Van Duppen, arts bij Geneeskunde Voor Het Volk en vooral bekend als de man van het 'kiwimodel'. Van Duppen zetelde reeds voor PVDA in de districtsraad van Deurne. Hij ijvert onder andere voor het behoud van openbare ziekenhuizen en voert net als Groen-collega Dirk Avonts actie tegen de problematiek van het fijn stof in Antwerpen. De PVDA noemt de keuze voor Van Duppen als OCMW-raadslid "meer dan ooit nodig", aangezien het nieuwe bestuursakkoord "de gewone inwoners van Antwerpen in de kou laat staan".

Groeiende armoede

Hoe dan ook staat de OCMW-raad voor enorme uitdagingen. Zo wijst de vzw Daklozenhulp Antwerpen erop dat “het aantal mensen dat een voedselpakket nodig heeft, elke week stijgt: enkele jaren geleden ging het om driehonderd mensen, nu staan er elke zondag zeshonderd te wachten”. Het gaat daarbij om daklozen, maar ook om mensen die wel een woning hebben, maar duidelijk niet genoeg inkomen om er mee rond te komen. Vooral mensen zonder papieren hebben het steeds maar moeilijker. Het is alleszins een probleem waar veel meer mensen last van zullen hebben, dan van de vermeende sociale fraude waar Liesbeth Homans zo mee behept is...

Terug naar overzicht


Over Groen

Op dit blog schreef ik al eerder over de in mijn ogen volstrekt onbegrijpelijke beslissing van Groen om in de oude kernstad Antwerpen (een district met meer dan 180.000 inwoners!) scheep te gaan met N-VA en OpenVLD. Kwatongen beweren dat een en ander vooral te verklaren is door de persoonlijke relatie tussen Groen-senator Freya Piryns en OpenVLD-kamerlid Willem-Frederik Schiltz. Laten we dergelijke speculaties echter liever overlaten aan 'de boekskes'. Ik denk (zoals ik al eerder schreef) dat het meer te maken heeft met een primaire vorm van anti-socialisme. Daarnaast is er bij Groen ook een bepaalde drang naar zelfprofilering, die weinig tot geen rekening houdt met het meer algemene politieke kader. Zo verklaart Meryem Almaci (kamerlid en fractieleider voor Groen in de gemeenteraad) in een interview: "Ik geloof in een genuanceerd optreden. Dat is beter dan sloganesk uit de hoek te komen. Ik denk dat veel kiezers, die voor ons gestemd hebben, geloven dat wij, tegen de verruwing in, een opbouwend en constructief verhaal in petto hebben". Op de vraag of ze dan wil komen tot een links front tegen de verrechtsing, antwoordt ze echter: "Ik denk niet zo graag in die termen. Het gaat niet om een links progressief front. Voor Groen draait het om inhoud. En als we mekaar op de inhoud kunnen vinden, zullen we dat niet nalaten. Het is vooral de inhoud die bij ons primeert. Kunnen we ons inhoudelijk profileren?" (mijn nadruk). Groen wil dus vooral de kans krijgen zichzelf te profileren, ongeacht wie er verder nog in de coalitie zit.

Gemiste kans

Voor het district Antwerpen gaat het ronduit om een gemiste kans voor de linkerzijde. Zo beweerde Chris Anseeuw (uittredend districtsvoorzitster en lid van sp.a) in eerste instantie dat een progressieve coalitie (van sp.a, Groen en PVDA) geen meerderheid zou halen. De vrije zender Radio Centraal zet echter terecht de puntjes op de i door te stellen dat er "17 zetels nodig (zijn) om een meerderheid te halen op een totaal van 33. sp.a (8), Groen (5) en PVDA (3) kwamen samen maar aan 16. Door de stoelendans na de coalitievorming op stadsniveau (waarbij bijvoorbeeld districtsraadslid Philip Heylen CD&V stadsschepen werd en vervangen werd door een opvolger van sp.a) kreeg sp.a op districtsniveau echter een zetel bij, waardoor een sp.a/Groen/PVDA meerderheid nu wel mogelijk is". Weliswaar zou dit een erg krappe meerderheid geweest zijn, maar aangezien het (nog steeds volgens Radio Centraal) moeilijk is om "in het nieuw akkoord (...) significante sociale accenten te vinden", kunnen we hier toch wel spreken van een stevige gemiste kans.

Averechts?

Uiteindelijk komt Groen zo niet verder dan het weinig zeggende 'wij-zijn-niet-links-wij-zijn-niet-rechts-wij-zijn-averechts'-discours, waarmee de Groenen in de jaren '70 hun electoraal avontuur gestart zijn. Blijkbaar zonder er verder bij na te denken verklaart Almaci in het hoger vermeldde interview ook nog: "We zullen de Antwerpenaren laten zien dat er alternatieven zijn voor de aanpak van de N-VA. Tegen de verzuring in zullen wij aantonen dat je met een heel andere aanpak aan een warme en solidaire stad kunt werken en dat in tegenstelling tot de huidige sociale hardvochtige aanpak. We willen de Antwerpenaren laten zien dat onze voorstellen, onze politiek, het verschil kan maken en wel degelijk effect heeft op het dagelijkse leven". Hoe dat dan gerijmd moet worden met de samenwerking op districtsniveau met precies diezelfde voorstanders van 'verzuring' en van 'de huidige sociaal hardvochtige aanpak' is niet meteen duidelijk. Op zijn Facebook-pagina komt de linkse filosoof Bleri Lleshi dan ook bijna niet meer bij van vertwijfeling, wanneer hij schrijft over het in de kernstad geplande "'vliegend college om ons beleid toe te lichten' (welk beleid? wat gaat u doen? wat gaat er veranderen?, hierover geen woord)"...

Inhoud?

Ook over de door Groen veel aangehaalde 'inhoud' mogen er wel eens een paar vragen gesteld worden, zeker wanneer we het hebben over de districtscoalities. Zo wijdt Almaci in het reeds vermeldde interview vele woorden aan gezondheid, mobiliteit, fijn stof en zo meer. Wat blijkt echter? In het district Merksem (waar Groen in de coalitie zetelt met N-VA en sp.a) schommelt het gemiddelde geluidsniveau 's nachts tussen de 50 dBA en 60 dBA, daar waar de World Health Organization stelt dat geluidswaarden vanaf 40 dBA schadelijk zijn voor de gezondheid. In de aan Merksem grenzende Luchtbal-wijk in het district Antwerpen werd volgens de Intergewestelijke Cel voor het Leefmilieu het maximum daggemiddelde voor fijn stof dit jaar 41 keer (!) overschreden. De actiegroep Merksem Leefbaar – die deze cijfers publiek maakte – wil dan ook dat de overheid haar verantwoordelijkheid opneemt, "zeker met het oog op de nieuw geplande infrastructuur in en rond Antwerpen, zoals de A102 en het goederenspoor". Wat de beide nieuwe districtsbesturen van Antwerpen en Merksem daaraan gaan doen is volstrekt onduidelijk. Wat Groen evenwel niet belette om "bijzonder tevreden te zijn"...

Terug naar overzicht


Over de sp.a

Groen is echter niet de enige oppositiepartij die met problemen en contradicties te kampen heeft. Dat is onder andere het geval voor de sp.a., die in andere steden en gemeenten deelneemt aan uitvoerende machten die... zich precies eender gedragen als het rechtse bestuur in Antwerpen. Zo vindt de door Louis Tobback aangevoerde Leuvense meerderheid (luidens het blog van een Leuvens gemeenteraadslid van Groen) ook dat "het eigenlijk normaal is dat er nog steeds geen publiek bestuursakkoord op tafel ligt", want “Hoe kan er nu sprake zijn van een bestuursnota, vooraleer er een bestuur is gevormd?”. Overigens combineert diezelfde Tobback eveneens het voorzitterschap van de gemeenteraad met de functie van burgemeester... Het zijn maar enkele van de problemen die de sp.a parten spelen in haar nieuwe rol van grootste Antwerpse oppositiepartij.

grass-roots campagnes

De bekende onderzoeker van verkiezingsresultaten Marc Swyngedouw wijdde bijvoorbeeld een uiterst interessant artikel (dat het verdiend om er uitgebreid uit te citeren), onder meer aan de problemen van de sp.a., waarin hij "het reëel bestaande partijmodel van sp.a in Antwerpen ter discussie (stelt), omdat het niet (meer) in staat is om efficiënte grass-roots campagnes te voeren (...) als aanvulling op een marketing gedreven verkiezingscampagne". Hij wijst er ook op dat "in de sp.a campagne relatief weinig aandacht besteed (werd) aan concrete plannen naar de toekomst toe", terwijl "de grass-roots campagne van de sp.a haast onbestaande (was). Bij mijn (Swyngedouw's) weten waren er weinig of geen huis-aan-huis bezoeken; weinig of geen aanwezigheid op de verschillende markten, (...) geen meetings, geen campagne gebonden partijbijeenkomsten, geen opvallende (ondersteunende, culturele) acties (...) en hingen (er) relatief weinig affiches aan de ramen (...)".

Marketing i.p.v. campagne

Swyngedouw vraagt zich vervolgens af of "Janssens wel een grass-roots campagne (kon) voeren als hij dat al gewild had?”. Janssens gelooft immers niet meer in het concept van de massapartij die sp.a ooit geweest is. Swyngedouw wijst daarbij op de impact van de media, die er mee voor gezorgd heeft dat campagne voeren vandaag meer lijkt op reclame maken, dan op 'aan politiek doen'. De keerzijde van de medaille is wel dat politici slechts toegang hebben tot de kiezers indien de massamedia die politici voldoende goedgunstig willen behandelen. In het 'oude' model van de massapartij kon een marginalisatie door de media nog gecounterd worden door de inzet van leden en militanten. Er kon op die manier gemobiliseerd worden, desnoods tegen de stroom in.

Intern partijleven?

Vervolgens zegt Swyngedouw "Dat sp.a-Antwerpen een pover leven kent is een understatement. Leden en militanten worden bij weinig of niets betrokken, een debatcultuur is onbestaand, lokale wijkafdelingen kunnen misschien links en rechts nog bestaan, maar zijn in vergelijking met 10 jaar geleden weinig of niet actief. De meeste wijkafdelingen zijn op sterven na dood. De activiteiten van sommige districtsafdelingen beperken zich tot de jaarlijkse algemene ledenvergaderingen; de nieuwjaarsreceptie wordt zowaar de belangrijkste politieke activiteit van het jaar. Tekenend is dat het partijprogramma voor de gemeenteraadsverkiezingen binnen zeer beperkte cenakels tot stand is gekomen". Het spreekt vanzelf dat er van interne democratie in die omstandigheden nauwelijks sprake kan zijn.

Negatieve consequenties

Nog volgens Swyngedouw verdwijnt hierdoor de "antennefunctie van leden en militanten", waardoor "de sp.a anno 2012 de signalen (niet opvangt) dat PVDA+ lokaal sterk oprukt in verschillende districten. Wijkgebonden bekommernissen dringen niet meer door. De bevolking neemt de districtsraadsleden niet ernstig (...). Opiniepeilingen bieden hier geen alternatief. (…) De politieke leerschool die de partij vormt, verdwijnt en wordt overgelaten aan de (overwegend liberaal-conservatieve) media. Eveneens leidt het tot de verschraling van de rekruteringsbasis zowel voor nieuw politiek personeel als voor ondersteunende professionals. Het risico bestaat verder dat de beleidsvoerders in een splendid isolation raken, niet meer tegengesproken door hun directe omgeving. En tot slot, een politiek filosofisch argument: wie controleert nog de beleidsvoerders tussen twee verkiezingen door?”.

sp.a in de toekomst?

Tenslotte vraagt Swyngedouw zich af hoe het nu verder moet met de sp.a? Hij doet daarbij suggesties die erop neer komen dat de sp.a zich moet omvormen naar een meer netwerk-georiënteerde manier van werken: "indien een partij wil beschikken over militanten die mobiliseerbaar zijn wanneer nodig, (zal) ze ook moderne participatiekanalen moeten ontwikkelen die discussie en reële inbreng mogelijk maken. Binnen een stad als Antwerpen moet het mogelijk zijn om kwaliteitsvolle debatclubs rond verschillende thema’s op te richten; om via de zogenaamde sociale media gemodereerde participatie bij een partij te stimuleren; om lokale partij campagneteams te laten functioneren als ondersteuning van, en binnen het kader van, een moderne marketing verkiezingscampagne. Participatiekanalen die niet meer de continue langdurige en alomvattende participatie van leden bij de partij veronderstellen, maar de tijdelijke en herhaaldelijke participatie bij onderwerpen en acties die het betreffende lid interesseren. Dit hoeven niet steeds highbrow activiteiten te zijn. Sommige leden vinden het handen-uit-de-mouwen-steken veel aantrekkelijker dan politieke discussies. Niet alles moet worden geprofessionaliseerd binnen een partij”. Als we afgaan op de (slechts zeer recent op gang gebrachte) Facebook-activiteiten van de nieuwe sp.a-fractieleidster Yasmine Kherbache, dan is dit inderdaad de richting die de sp.a in de toekomst uit wil gaan.

Goede zaak?

Of dat een goed en voldoende antwoord is op de geschetste problemen van de sp.a valt nog te bezien. Het model van wat Swyngedouw 'de massapartij' noemt, werd eind 19de eeuw gepionierd door de Duitse SPD (Sozialdemokratische Partei Deutschlands), middels haar zogenaamde 'Erfürter Program'. Cruciaal in dit programma is de doelstelling de “strijd der arbeidersklasse tot een bewusten en gezamenlijken strijd te ontwikkelen en hem zijn noodzakelijk doel aan te wijzen (mijn nadruk). De 'massapartij' is daarmee dus geen doel op zich, maar wel een middel om het bewustzijn van de werkende bevolking over haar eigen plaats in de samenleving én over haar historische rol in de strijd voor het socialisme tot ontwikkeling te brengen. Een netwerk-georiënteerde organisatie kan weliswaar best een goed geoliede kiesvereniging opleveren. Zij zal echter zo goed als zeker geen adequaat middel blijken te zijn om het socialistisch bewustzijn terug binnen te brengen in de werkende massa, die de meerderheid van de bevolking uitmaakt. Gesteld dat men die taak nog zou willen vervullen, dan moet er ook vorming zijn, debat én tegensprekelijke (desnoods heftige) discussie. Een echt democratisch, intern partijleven, dus. Paradoxaal genoeg is de beste, meest complete uiteenzetting over deze bewustzijnsvormende functie van de socialistische massapartij terug te vinden in een zeer geleerd, uitstekend boek van Lars T. Lih over... Lenin.

Terug naar overzicht


Over Rood!

De analyse van Swyngedouw zal met name in de kringen van Rood! gesmaakt kunnen worden. Ze sluit immers naadloos aan bij een groot deel van wat ex-sp.a-lid en stichter van Rood! Erik De Bruyn al een hele tijd geleden zei over de sp.a. Sommigen zullen nu misschien geneigd zijn om alles wat betrekking heeft op Rood! als irrelevant van tafel te vegen. Dat lijkt ons echter betwistbaar. Weliswaar is het juist dat Rood! bij de laatste verkiezingen geen verkozene wist te behalen. Maar tegelijkertijd is het ook zo dat Rood! – ondanks de sterke opkomst van de PVDA en Groen en ondanks de druk om tegenover De Wever 'nuttig te stemmen' voor de Stadslijst – toch nog 1% van het kiezerskorps (zo'n 3.000 kiezers) kon overtuigen. Waarmee Rood! toch nog steeds de uitdrukking blijft van een groep mensen ter linkerzijde die zich niet volledig kan terugvinden in andere linkse partijen. Het feit dat Swyngedouw (minstens gedeeltelijk) De Bruyn's morele gelijk aantoont (zonder echter zijn naam te noemen), kan wel niet verhinderen dat de persoonlijke klap van een minieme persoonlijke score inzake voorkeursstemmen bij Erik De Bruyn hard aankwam.

Bitterheid en ontgoocheling

Erik De Bruyn besliste dan ook om door middel van een brief uit de politiek te stappen. Hij doet dit niet zonder enige bitterheid. Zo wijst hij er op dat "politicologen met naam en faam (nu) met veel bombarie analyses (publiceren) waar wij met sp.a-Rood en Rood! vijf jaar geleden al achter waren. Maar intellectuele eerlijkheid en erkenning zijn zeldzaam in een maatschappij waarin ook de intellectuele prestatie vermarkt wordt". Ook kan Erik De Bruyn "niet ontkennen (...) sterk ontgoocheld (te zijn) in het beoordelingsvermogen van de kiezer in het algemeen en van de linkse kiezer in het bijzonder. Dat mijn stad nu voor minstens zes jaar bestuurd zal worden door een ultraliberale partij zal verregaande gevolgen hebben. Niet zozeer voor mezelf, maar voor de vele tienduizenden die veel zwakker in de maatschappij staan".

Problematisch

Vervolgens vindt Erik De Bruyn het "bijzonder problematisch" dat "de linkse kiezer (...) zijn eieren (...) in de korf van de PVDA gelegd (heeft)". Hij wijt dit aan "de jarenlange afwezigheid van een beduidende linkse politieke kracht in Vlaanderen (wat) velen ertoe gebracht (heeft) te stemmen op een karikatuur ervan", waarbij "jarenlange politieke en syndicale medestanders" er blijkbaar toe gebracht worden "die partij nu plotseling kritiekloos (te) omarmen". Waarna hij met een aantal voorbeelden beschrijft wat hem zoal ergert aan de PVDA (stalinisme, sektarisme, een onvoldoende kritische houding tegenover religieuze vooroordelen, racistische tendensen en seksisme). In zijn ogen is de PVDA dan ook "een partij die het niet al te ver zal schoppen". De bittere afscheidsbrief van Erik De Bruyn bindt overigens enkel hemzelf. Het is (op zijn eigen verzoek!) geen tekst die binnen Rood! voorafgaandelijk besproken werd, laat staan goedgekeurd. Sommige leden van Rood! zullen er achter kunnen staan, anderen dan weer niet.

Terug naar overzicht


Over de PVDA

De PVDA is om begrijpelijke redenen naar verluidt niet erg opgezet met Erik De Bruyn's verwijten. Toch mag ik hopen dat ze zich daardoor niet laat verleiden om terug te keren tot 'oude vormen en gedachten'. In een interview zegt partijvoorzitter en Antwerps fractieleider Peter Mertens het volgende: "Met de gezamenlijke 16%-score van de PVDA en Groen is er in Antwerpen wel degelijk iets veranderd. Die uitslag vormt een sterke uitvalsbasis voor een links front. En de thema’s voor zo’n front moeten niet ver gezocht worden. Dat zijn: betaalbare woningen, betaalbare gezondheidszorg en toegankelijk onderwijs. En daarnaast is er natuurlijk het noodzakelijke front tegen het BAM-tracé. Wij zijn, zoals vroeger, bereid om rond die thema’s in een links front samen te werken". Het is wel curieus dat Peter Mertens dit links front alleen maar omschrijft door te verwijzen naar de 16% stemmen voor de PVDA en Groen samen. Ten eerste omdat zo de 1% voor Rood! (die Robert Voorhamme van de sp.a wél betrekt in zijn analyse!) stilzwijgend opzij wordt geveegd. Ten tweede omdat er zo niks wordt gezegd over hoe de sp.a en haar kiespubliek aangesproken zouden kunnen worden. Maar ten derde - en veel belangrijker - omdat zo de indruk wordt gewekt dat het 'links front' herleid wordt tot een overeenkomst tussen politieke partijen. Overigens lijkt dergelijke overeenkomst sowieso al problematisch, aangezien Groen een links front blijkbaar niet ziet zitten (zie hierboven).

Eenheid en samenwerking?

Wat er ook van zei, in de huidige politieke context te Antwerpen helpt het ons in mijn ogen niet veel verder om elkaar ter linkerzijde om de oren te slaan met verwijten, zelfs niet als deze (al of niet gedeeltelijk) terecht zouden zijn. Waar het op aan komt, is in de praktijk aan te tonen aan de meest brede lagen van de bevolking dat een andere stad mogelijk is, via een andere politiek. Die 'andere politiek' kan niets anders zijn dan de politiek van het verzet in eenheid. Het is slechts in de samenwerking dat de verschillende opvattingen van de politieke oppositiestromingen door de mensen zelf kunnen bekeken en zo nodig ook getest worden. Die kans dient men de meerderheid van de bevolking ook daadwerkelijk te bieden. Zonder a priori's. Naar mijn gevoel dient men ter linkerzijde de discussie over eenheid en samenwerking dan ook niet te beperken tot de politieke partijen. Integendeel. Het komt er op aan om al diegenen, die zich niet kunnen herkennen in het beleid van het rechtse stadsbestuur, te verenigen, teneinde samen met hen allen tot daadwerkelijk verzet te kunnen overgaan. Verzet dus, niet enkel in de gemeenteraad, maar ook op straat.

Signalen

Er zijn signalen die erop lijken te wijzen dat ook de PVDA in die richting denkt. Zo verklaart Peter Mertens in het hoger aangehaalde interview dat de PVDA “een brief (heeft) gestuurd aan de leiding van ACW/ACV en ABVV om een gesprek te hebben over de toekomstige sociaal-economische ontwikkelingen in Antwerpen. Welke verwachtingen hebben de arbeidersbewegingen ten overstaan van de PVDA-fractie in de Antwerpse gemeenteraad? Welke bezorgdheden, standpunten en voorstellen moeten daar op tafel gelegd worden? We hebben nog geen antwoord, maar de signalen die we opvangen, laten het beste verhopen”. Dat klinkt zeker bemoedigend. Maar toch zou ik er een bedenking willen aan toevoegen: pas op om niet louter een doorgeefluik te worden van de leiding van verschillende sociale bewegingen. Niet dat deze leidingen op zich foutieve standpunten zouden innemen. Het is echter een feit dat er ook binnenin de sociale bewegingen spanningsvelden of tendensen bestaan (zie bijvoorbeeld de discussies die er nu woeden bij de arbeiders van Ford Genk). Als de PVDA echt wil uitgroeien tot een 'nieuwe werkmanspartij', dan zal ze ook dat spanningsveld politiek moeten kunnen vertolken. Ook dat is een aspect van het 'binnenbrengen van het bewustzijn' in de massa. En dat gaat niet indien er al te volgzaam wordt gestaan tegenover de leidingen van de sociale bewegingen.

Gunstige evoluties

De eerlijkheid gebiedt mij om te zeggen dat de PVDA ook op dat vlak gunstig lijkt te evolueren. Ik citeer nogmaals uit het interview met Peter Mertens (de nadruk is van mijn hand): “velen (voelen) zich een nummer, onmachtig, nietig en klein. Ze hebben niet het gevoel dat ze wegen op de samenleving, er toe doen, meetellen. Die mensen moet links terug een stem geven, zelfvertrouwen en zelfbewustzijn om van onderuit aan verandering te werken en dingen in beweging te krijgen. Wij zijn bereid om in allerlei fronten te stappen maar wel vanuit een duidelijk anti-establishment standpunt. (…) Ik ben dus echt van mening dat een electorale overwinning maar van tel is als we dat kunnen omzetten in een sterke strijdbeweging van onderuit. Dat is ongetwijfeld een werk van lange adem maar ook weer niet onmogelijk. (…) En laat het duidelijk zijn, er moet een einde komen aan het seizoen van de symbolische acties. Laten we die achter ons laten, ze kunnen zin gehad hebben en noodzakelijk zijn geweest in een tussenperiode, maar ze beantwoorden echt niet meer aan de uitdagingen waar we vandaag mee geconfronteerd worden. Een verzetsbeweging hebben we nodig. En de vakbonden zouden zich meer bewust moeten zijn van de macht waarover ze beschikken en er ook niet mogen voor terug schrikken die macht ook effectief te ontplooien.

Interne democratie?

Hoewel er dus duidelijk positieve evoluties zijn, blijven nogal wat linkse critici van de PVDA (waaronder ook ikzelf) huiverachtig staan tegenover sommige interne werkingsregels van deze partij. Zo kent ze bijvoorbeeld geen tendensrecht, wat wijlen Jaap Kruithof reeds in 1963 omschreef als “onontbeerlijk voor het socialisme”. Het gaat daarbij niet om een detail. Als ik hierboven bij het bespreken van de sp.a schreef dat een socialistische massapartij tot taak heeft het socialistisch bewustzijn binnen te brengen in de werkende massa en dat, om die taak daadwerkelijk te kunnen vervullen, er naast vorming ook debat en (desnoods heftige) tegensprekelijke discussie moet kunnen zijn – met andere woorden: een echt democratisch, intern partijleven –, dan geldt dat ook voor de PVDA. Tendensrecht (d.w.z. het zich kunnen organiseren – binnen welomschreven grenzen! – als een stroming van gelijkdenkenden) is daarbij inderdaad onontbeerlijk, zo niet zijn eventueel afwijkende (maar ook verrijkende!) meningen in het beste geval slechts curiosa, waar verder niet veel aandacht aan besteed hoeft te worden.

Voorbeeld van de Nederlandse SP

In dat opzicht kan het (overigens ook om andere redenen) interessant zijn om het artikel Order Reigns in The Hague – The Dutch Elections and the Socialist Party uit nr. 77 van de New Left Review over o.a. de Nederlandse SP (Socialistische Partij) te bekijken. In dat artikel van Daniel Finn (helaas enkel online verkrijgbaar voor abonnees) wordt erop gewezen dat “de opkomst van de SP gedurende lange tijd synoniem bevonden werd met de persoonlijkheid van Jan Marijnissen, een veteraan van haar Maoïstische prehistorie (…). Marijnissen was een zeer effectieve en charismatische performer, waarvan echter zelfs zijn grootste bewonderaars zullen toegeven dat zijn leiderschapsstijl aanmatigend was en ongeduldig met dissidentie in de partij – een overblijfsel wellicht van de oorsprong van de SP”. Hetzelfde artikel zegt over Marijnissen's opvolger Emile Roehmer dat hem “ten gunste wordt geduid dat hij een meer ontspannen aanpak naar partijdiscipline toe heeft, wat het makkelijker heeft gemaakt voor leden die kritiek willen uiten op de leiding van de SP” (mijn vertaling). Ik haal dit hier aan omdat het een belangrijke vraag opwerpt: is de mogelijkheid om kritiek te uiten op de eigen partijleiding afhankelijk van de (eerder toevallige) persoonlijkheid van een partijleider, of is die mogelijkheid verankerd in de statuten van de partij – zoals dat met tendensrecht het geval zou zijn? De PVDA zou er mijns inziens goed aan doen om rond deze democratische kwestie – net zoals rond die van haar al dan niet vermeende Stalinistische erfenis – duidelijkheid te scheppen op haar voor het voorjaar aangekondigde congres rond het thema 'Socialisme 2.0'. Zij kan er alleen maar wel bij varen!

Terug naar overzicht


Over Vlaams Belang

Mertens heeft gelijk wanneer hij als thema's voor een links oppositiefront focust op de belangrijkste sociale kwesties. Zodanig gelijk, dat zelfs het Vlaams Belang dit heeft ingezien. De extreem-rechtse, fascistische partij probeert zichzelf dan ook in allerijl een 'sociaal' imago aan te meten. Ze doet dat onder andere door een Antwerpse Volksgazet te verspreiden, waarin ze het uitgebreid heeft over de wachtlijst van 22.386 mensen voor een sociale woning, over de armoede in de stad, over de lege stadskas, over de dreigende afbouw van de sociale restaurants, enz. Voor de verkiezingen nam een delegatie van het VB ook reeds deel aan een vakbondsmanifestatie ter verdediging van het openbaar vervoer. Is het VB nu ineens op de linkse toer aan het gaan? Nee, natuurlijk niet. Hun discriminerend discours is volstrekt ongewijzigd gebleven. Ze blijven zoeken naar zondebokken eerder dan naar oplossingen. Zoals een artikel op de website van Rood! terecht vermeldt, “hebben zij daarvoor hun inspiratie gehaald bij de Griekse extreem-rechtse partij Gouden Dageraad. Deze partij geeft op schandelijke wijze voedselhulp aan ‘echte ‘Grieken. Aan anderen wordt soms zelfs met geweld hulp geweigerd. Krijgen we binnenkort ook in Antwerpen zulke taferelen te zien wanneer militanten van Vlaams Belang hun voedselpakketten, rijkelijk gevuld met varkensvlees, zullen 'verdelen'?”. Deze bedrieglijke 'sociale koerswijziging' van het Vlaams Belang zal men trouwens zeer binnenkort ook in de praktijk kunnen beoordelen, wanneer zal blijken dat deze partij allerminst van plan is zich te verzetten tegen de jacht op vermeende sociale fraudeurs, die de nieuwe N-VA-superschepen van sociale zaken én OCMW-voorzitster Liesbeth Holemans zich voorneemt op te starten. Kijk maar na hoe dikwijls het VB het heeft over vermeende 'misbruiken', 'OCMW-fraude' en dergelijke meer...

Terug naar overzicht


Over zelfactiviteit

Het is natuurlijk zo dat we momenteel in Antwerpen slechts de inleidende manoeuvres beleven van wat inderdaad een erg lange periode van strijd beloofd te worden. Vele organisaties en bewegingen bekijken de zaken momenteel nog ietwat afstandelijk. Zij wachten af hoe de concrete beleidsmaatregelen precies zullen uitpakken. Om pas dan te bepalen of en hoe zij zich ertegen zullen verzetten. Pas als dat proces concreet op gang komt, zal ook duidelijker worden hoe het verzet eengemaakt kan worden. Toch wil dat niet zeggen dat er ondertussen niks gebeurt. Zo protesteerden de Verenigde Actiegroepen Tegen Uitbreiding Vliegveld (VATUV) al meteen scherp, toen bekend werd gemaakt dat het aantal passagiers van de luchthaven te Deurne het voorbije jaar met 15% daalde. De actiegroepen plaatsen dan ook stevige vraagtekens bij de plannen voor de ondertunneling van de Krijgsbaan (waardoor de startbaan verlengd kan worden). Daarnaast is Occupy Antwerp al wekenlang bezig met concrete sensibiliserings- en protestacties tegen de grote armoede in Antwerpen (in de Scheldestad leeft een kwart van de bevolking onder de armoedegrens...). Die acties gaan voornamelijk door op het Astridplein. Tijdens de jaarlijkse nieuwjaarshappening – u weet wel: 15.000 mensen op de Grote Markt voor een klein pakje gratis friet en zo – lieten ze zich evenzeer opmerken (net als militanten van Rood! overigens). Ook bij de installatie van de nieuwe gemeenteraad was Occupy Antwerp aanwezig. Verder zamelden activisten van Ademloos daar handtekeningen in voor een nieuwe petitie tegen het BAM-tracé. Daarnaast was er ook een delegatie van de socialistische bediendebond BBTK, die protesteerde tegen het uitbreiden van de koopzondagen en de gevolgen daarvan voor het personeel. Ook individuele leden van de socialistische vakbond van het stadspersoneel (ACOD-LRB) en van het Anti-Fascistisch Front (AFF) lieten zich opmerken. Naast een talrijk publiek dat gevolg gaf aan de oproep van de PVDA om het inzweren van hun verkozenen luister bij te zetten, deelde ook Rood! een pamflet uit waarin de bereidheid tot eenheid en samenwerking werd benadrukt. De identiteitskaart van de Rood!-militanten van dienst werd door ijverige politiemensen ook overgeschreven. Wellicht in het vooruitzicht van een GAS-boete wegens het niet voorafgaandelijk aanvragen van een toelating...

Terug naar overzicht


Besluit

Er is duidelijk nog veel werk aan de winkel. Allereerst in de gemeenteraad waar op zijn minst de meer autoritaire trekjes van het rechtse bestuur aan de kaak gesteld dienen te worden. Vervolgens ook in de districten, waar men minstens eens zou mogen beginnen nadenken over verzet tegen de extreem smalle beleidsmarges. Verder ook in het OCMW, waar men zich schrap dient te zetten tegen de aankomende explosieve groei van de armoede én tegen de vervolging van... de armen. Tenslotte ook binnen de links-progressieve oppositiepartijen en bij de sociale bewegingen, waar het debat over de strategie op gang mag komen. Het grote voordeel is dat er niet van nul af aan opnieuw begonnen moet worden.

¡Adelante! ¡Adelante! ¡La lucha es constante!

Terug naar overzicht

zondag 16 december 2012

Verandering in A?


De kogels zijn door de kerk: Antwerpen heeft een nieuw, rechts bestuur met een programma (bestuursakkoord) en een nieuwe samenstelling van het college van burgemeester en schepenen. Ook in het district (de oude kernstad) Antwerpen werd er een merkwaardige coalitie gevormd (waarover morgen meer). Ook de linkse oppositiepartijen sp.a en PVDA beginnen zich te roeren.

Veranderingen?

De meningen over de inhoud van het bestuursakkoord lopen nogal uiteen. Terwijl de oppositie binnen de gemeenteraad spreekt over een “koud en kil beleid” (PVDA) en over “plichtjes aan de Schelde” (sp.a), wordt door nogal wat commentatoren gesteld dat de 'verandering' vrij beperkt is, want dat het 'nieuwe' beleid eerder een voortzetting inhoudt van dat van de vorige coalitie. Deze mening wordt bijvoorbeeld verwoord door de professoren Dave Sinardet en Jan Blommaert. Zo schrijft die laatste in een opiniestuk dat "de gelijkenissen met de vorige coalitie overdonderend (zijn), al ligt het voor de hand dat de waarnemers en commentatoren vooral de verschilpunten zullen zoeken en die – hoe miniem ook – als een fundamentele breuk met het verleden zullen voorstellen."

'Flinks'

Nu is het zeker zo dat het nieuwe bestuursakkoord in hoge mate een concretisering is van het denken dat Patrick Janssens uiteen zette in zijn boekje 'Voor wat hoort wat'. In dat boekje trachtte Janssens met een 'flinks' rechten-en-plichten-verhaal (vruchteloos) het gras weg te maaien voor de voeten van zijn uitdager Bart De Wever. Ook heeft Blommaert gelijk als hij verwijst naar het 'nieuwe' activeringsbeleid ten aanzien van werklozen en andere steuntrekkers en dat beleid grotendeels gelijkstelt met dat van de oude coalitie, zoals belichaamd door Monica De Coninck als toenmalig schepen van sociale zaken en voorzitter van het OCMW. Bart De Wever geeft in een televisie-interview op Canvas overigens zelf ruiterlijk toe dat hij en zijn coalitie voortborduren op “het beleid van de vorige meerderheid, waar wij overigens ook deel van uitmaakten”.

Tussenstation

Toch is daarmee de kous niet af. Er zijn wel degelijk ook grote verschillen. Zo beschouwt de nieuwe coalitie sociale steun in het algemeen slechts als een “tijdelijk” gegeven, dat steeds dient bij te dragen aan “de sociale mobiliteit”. Natuurlijk is het zo dat bijvoorbeeld een leefloon of een werkloosheidsvergoeding meestal slechts een tijdelijk karakter heeft, omdat het uiteindelijk de bedoeling is de werkloze of de bestaansonzekere aan een job te helpen. Wat echter met een sociale woning? Is het echt zo verwerpelijk dat iemand met (al dan niet) een laag inkomen in de praktijk zijn of haar hele (al dan niet actieve) leven gebruik blijft maken van die betaalbare sociale woning? Voor de nieuwe, rechtse coalitie kan dit overduidelijk niet! Volgens hen is een sociale woning slechts “een vorm van stimulans tot sociale mobiliteit ”, die “een tussenstation (kan) zijn op weg naar de reguliere markt”.


Ontwrichting

Deze opvatting getuigt niet alleen van zeer grote wereldvreemdheid. Als deze opvatting in de praktijk zou worden doorgevoerd, dan zal zij onvermijdelijk leiden tot verregaande ontwrichting van de sociale cohesie van hele stadswijken (cohesie die sowieso al als fragiel mag omschreven worden). Beeld je even in tot wat een helse permanente stoelendans dit soort ideeën aanleiding zou geven: dikwijls kansarme gezinnen, die in naam van de “sociale mobiliteit” verplicht worden hun betaalbare woning te verlaten – al dan niet omdat ze het Nederlands onvoldoende beheersen. Waar anders dan in nieuwe getto's gaan deze mensen dan terechtkomen? Is dat de manier waarop we aan integratie gaan doen? Bouwen we zo de onderlinge samenhang van onze wijken opnieuw op? Ik durf het sterk te betwijfelen.

Repressie

De rechtse coalitie weet maar al te goed dat dit ontwrichtend beleid (dat o.a. ook tot uiting komt in het totaal zinloze aangekondigde vervolgingsbeleid inzake druggebruik) uiteindelijk zal leiden tot... enorm veel sociale overlast. Die overlast willen de nieuwe bestuurders natuurlijk zoveel mogelijk in de hand houden. De nieuwbakken 'rechten-en-plichters' kiezen daartoe uitdrukkelijk voor repressie als de toe te passen 'policy of containment'. Gemeentelijke administratieve sancties (GAS-boetes) worden (nog meer) ingezet als een wapen, de politie krijgt (als enige stadsdienst!) uitdrukkelijk meer mensen en middelen toegezegd en er komt een heel arsenaal aan controles om na te gaan of iedereen wel netjes binnen de lijntjes kleurt. Terwijl Friedrich Engels van mening was dat “de staat in laatste instantie een bende gewapende mannen” is, wil het rechtse stadsbestuur in de eerste én laatste plaats deze bende gewapende mannen, nog meer dan nu al het geval is, loslaten op de stedelijke samenleving...

Cijfers

Tijdens de kiescampagne verklaarde Bart de Wever ook dat er in Antwerpen meer dan genoeg sociale woningen zijn en dat er dus geen bij hoeven te komen (ondanks een wachtlijst van meer dan 20.000 personen!). In het bestuursakkoord wordt dit standpunt klakkeloos overgenomen. Dit wordt verantwoord vanuit de vaststelling dat er in Antwerpen momenteel 11% sociale woningen zijn ten opzichte van het totale woningaanbod. Aangezien de Vlaamse regering streeft naar een gemiddelde van 10% aan sociale woningen in heel Vlaanderen, zit de stad daar dus boven. Bijgevolg hoeft er volgens de rechtse coalitie niks meer te gebeuren... Het is waar dat Antwerpen momenteel uitstijgt boven het Vlaamse streefdoel. Maar... dat Vlaamse streefdoel zelf verzinkt in het niets vergeleken met de buurlanden. In Nederland zijn er 35% sociale woningen en in Frankrijk 17%. Er mag gevreesd worden dat het de werkelijke doelstelling van de rechtse coalitie is om op termijn van 10% naar 7% sociale woningen te zakken, in de richting van het huidige Vlaams gemiddelde (dat dus het eigenlijke Vlaamse streefdoel niet eens benadert!). Als de rechtse coalitie dit zou waarmaken, dan zal daardoor het Vlaams gemiddelde aan sociale woningen nog verder achteruit gaan en zich daarmee nog verder verwijderen van het streefdoel. De woningnood zal er in elk geval niet mee bestreden worden.

Onderwijs

Hoewel de nieuwbakken onderwijsschepen Claude Marinower in een televisieinterview verklaarde dat er dringend iets moest gedaan worden aan de tekorten in het onderwijs én aan de jaarlijks terugkerende schrijnende taferelen bij het inschrijven van onderwijsplichtige (!) kinderen, is er daarover in het bestuursakkoord bitter weinig te vinden. Weliswaar zegt de nieuwe, rechtse coalitie dat “de komende 6 tot 10 jaar van levensbelang zullen zijn voor het onderwijs in Antwerpen en dus voor de toekomst van de stad”. Om die toekomst veilig te stellen wil de rechtse coalitie “een integrale netoverschrijdende aanpak” en “een Antwerps schoolpact”. Belangrijk daarbij is dat er een oplossing komt voor het tekort aan plaatsen en leerkrachten in het onderwijs (geschat wordt dat er op termijn 23.500 plaatsen voor leerlingen bij moeten komen). Erg ver komt de nieuwe coalitie echter niet. Zij beperkt zich tot de opvatting dat “de stad coördineert en pre-financiert desgevallend over de netten heen om het tekort aan plaatsen aan te pakken”. Waarmee de stadskas dus krediet zal verstrekken aan het vrije (voornamelijk katholieke) onderwijs, dat zich volgens een CD&V-blogger naar verluidt “in de handen wrijft”. De inschrijvingsproblemen in het onderwijs worden door het rechtse college dan weer doorgeschoven naar de lokale overlegplatformen...

Pedagogisch project

Het stedelijk onderwijsnet van Antwerpen heeft zoals bekend een eigen pedagogisch project. Met dat project werd maximaal ingezet op integratie en ontplooiing van de eigen capaciteiten van kansarme kinderen en jongeren. In de oorspronkelijk formatienota van Bart De Wever werd daarover onheilspellend gezegd dat “we niet langer alleen uit(gaan) van kansarme kinderen”. Deze zin als dusdanig is niet meer terug te vinden in het bestuursakkoord. Toch wil dat in het geheel niet zeggen dat de rechtse coalitie het pedagogisch project van het stedelijk onderwijs nu omarmt. Integendeel: “achterstandsgroepen” wordt een verlengde schooldag in het vooruitzicht gesteld (terwijl het precies deze groepen zijn die nu al getuigen van veel voorkomende schoolmoeheid, wat door de verlenging van de schooldag nog versterkt dreigt te worden). Verder beperkt het rechtse bestuur zich tot veel goede (?) voornemens om industrie en onderwijs beter op elkaar af te stemmen. Uiteraard eerder in functie van de noden der industrie, dan wel van pedagogische bekommernissen...

Klimaatcrisis

Nieuw is ook dat er in het bestuursakkoord zelfs geen lippendienst wordt bewezen aan het bestrijden van de klimaatcrisis en haar potentieel nefaste gevolgen. Hoewel iedereen ondertussen wel weet dat de klimaatwijziging onder meer zorgt voor een stijgende zeespiegel – waar een getijdenrivier als de Schelde toch mee de gevolgen van zal ondergaan – komt het begrip 'klimaat' in het bestuursakkoord enkel ter sprake onder de noemer 'investeringsklimaat'... Het is alsof het rechtse bestuur zich volkomen veilig waant achter de waterkeringmuur aan de Scheldekaaien. Terwijl de stad kreunt onder het fijn stof, maakt het bestuursakkoord ook daar geen woorden aan vuil. Wel zal de stad het gebruik van “houtkachels en open haarden” ontmoedigen “bij mistig weer” (het staat er écht!), zullen “voertuigen die niet voldoen aan bepaalde milieunormen” (welke?) via “nummerplaatherkenning” “zonodig beboet worden” in de hoop ze zo “te weren” “uit de kernstad binnen de Ring”. Blijkbaar gaat de rechtse coalitie ervan uit dat de lucht boven de kernstad stil zal blijven hangen en moet de bevolking in districten als pakweg Deurne of Merksem haar plan maar trekken...

Stadsschuld

Antwerpen torst zoals geweten nog steeds een grote, historische schuldenlast. Dit als gevolg van het feit dat de stad bij de fusie der gemeenten niet kon rekenen op een schuldkwijtschelding (wat bijna alle andere gefuseerde gemeenten wel verkregen). De Antwerpse schuld zelf was de prijs die de stad betaalde voor onder meer de uitbouw van de haven. Over de nog uitstaande historische schuld (momenteel nog ongeveer 1,1 miljard € waarvan jaarlijks 52 miljoen € wordt afbetaald) zegt het rechtse bestuur “tegen het einde van de legislatuur” deze “volledig weg” te willen werken. Er wordt wel niet bijgezegd hoe dat dan precies zal gebeuren. Meer nog, er wordt abstractie gemaakt van het feit dat uittredend schepen van Financiën Luc Bungeneers (sinds enige tijd óók van OpenVLD overgelopen naar N-VA) in een interview op Radio Centraal van mening was (is?) dat “de totale historische stadsschuld, inclusief de tekorten van de ziekenhuizen, maar in 2023 (zal) afbetaald zijn”. Tegen die tijd zal Antwerpen overigens een nieuwe schuldenlast hebben opgebouwd die... bijna even groot zal zijn als de oude.

Fiscaliteit

Daarom echter niet getreurd. Het stadsbestuur neemt zich immers voor “een gunstig fiscaal ondernemingsklimaat” te scheppen “in nauw overleg met de betrokken sectoren”. Eerlijk gezegd, het fiscaal ondernemingsklimaat is nu al uitzonderlijk vriendelijk voor de ondernemingen. Zo draagt de opbrengst van de belasting op drijfkracht momenteel voor slechts 6,9% bij aan de stadskas. Meer nog, het gaat hier om de enige belasting waarop een maximumplafond van 3,7 miljoen € werd ingesteld (dit vooral om BASF te 'plezieren')! Via enkele andere belastingen dragen de bedrijven daarnaast nog eens 3,65% bij aan de stadskas. Maar... de individuele belastingplichtigen (de gewone mensen, zeg maar) dragen 32,62% bij! 
Vergelijken we dit nu eens met (pakweg) buurgemeente Zwijndrecht. Daar dragen de burgers via de aanvullende personenbelasting slechts 5,23% bij, terwijl de bedrijven instaan voor 36,92% (via de belasting op drijfkracht) en 7,69% (via taksen op tanks, vergaarbakken en -bekkens).
Precies het omgekeerde van Antwerpen, dus. Werd in Zwijndrecht door de betrokken bedrijven nu alles ingepakt in kartonnen dozen om te verhuizen? Hoegenaamd niet. Waarom moeten de reeds erg gunstige belastingen voor schatrijke bedrijven in Antwerpen dan ineens nog gunstiger gemaakt worden? We zwijgen dan nog zedig over de bijzonder 'ondernemingsvriendelijke fiscaliteit' in de om de welig tierende fiscale fraude bekend staande diamantsector...

Stijlbreuk

Een andere verandering is die in de stijl. Terwijl de stijl van het vorige bestuur inderdaad omschreven mag worden als 'zakelijk' (en daardoor ook nogal afstandelijk, zoals het een koele manager als Patrick Janssens betaamt), kondigt het nieuwe, rechtse bestuur zich niet alleen aan als koud en kil, maar vooral als... gebrand op de confrontatie! Het mag dan al zo geweest zijn dat de praktische politiek van centrum-linkse en centrum-rechtse coalities weinig van elkaar verschilt (wat overigens mee de zogenoemde 'volatiliteit' van het kiezerskorps helpt verklaren), déze rechtse coalitie heeft minstens de ambitie om daar verandering in te brengen. In die zin gaat het om een breuk met wat de Brits-Pakistaanse auteur Tariq Ali “the politics of the extreme center” heeft genoemd (waarmee hij de eenvormigheid van de neoliberale centrum-politiek tracht te beschrijven). De rechtse coalitie wil expliciet het gevecht aangaan met alles wat vocaal is in de samenleving. Zo stelt Bart De Wever uitdrukkelijk dat hij “nooit interesse” heeft gehad “en ook nooit zal hebben” in wat mensen als Tom Lanoye zoal beweegt, terwijl Liesbeth Homans expliciet de vakbonden aanvalt in haar eerste grote kranteninterview. Dat is dan ook het echte doel van de rechtse coalitie in het algemeen en van de N-VA in het bijzonder: het vernietigen van het bestaande sociale weefsel én van de sociale bewegingen (wat Dominique Willaert van Victoria Deluxe in het laatste nummer van het Vlaams MarxistischTijdschrift omschrijft als “het maatschappelijk middenveld”, bestaande uit “milieu- en vredesbewegingen, vakbonden, sociaal-culturele organisaties, buurtcomités, het welzijns- en opbouwwerk, verenigingen waar armen het woord nemen, allochtone zelforganisaties, ...”).

De belangrijkste verandering

Echter, “elk nadeel heb ze voordeel”, zoals Johan Cruyff al zei. Want de belangrijkste verandering..., die is niet terug te vinden in de tekst van het bestuursakkoord. Men zal de rechtse bestuurders er ook nergens iets over horen zeggen. Die verandering is dat de band tussen (de top van) vele sociale bewegingen – niet in het minst de vakbonden! – en het stadsbestuur zo goed als volledig én eenzijdig is doorgeknipt. Het is te hopen dat de sociale bewegingen deze ongevraagde vrijheid naar waarde weten te schatten. Zich complexloos verzetten tegen de concrete uitvoering van de rechtse plannen, dát zou nog eens een vernieuwing zijn! Meer nog, laten we niet alleen hopen dat dit gebeurt. Laten we er ook daadwerkelijk voor ijveren. Om nogmaals Dominique Willaert te citeren: “Het maatschappelijke middenveld moet op zoek hoe er stedelijke allianties kunnen worden ontwikkeld rond cruciale uitdagingen m.b.t. onze toekomst”, terwijl “links-progressieve partijen het middenveld (moeten) durven uitdagen om samen een nieuw politiek project voor onze steden te ontwikkelen”. Dat is inderdaad de dubbele uitdaging die voor ons ligt!

zondag 9 december 2012

De moeizame weg naar de oppositie


Zoals we eerder reeds schreven, was het Bart De Wever's ultieme doel om in Antwerpen 'de socialisten te verdrijven van de macht'. Daar is hij sneller in geslaagd dan hij zelf ooit gehoopt had. De verdienste daartoe komt hem echter in het geheel niet toe. Ze is louter te wijten aan de ronduit perverse machtsgeilheid van de lokale christen-democraten. Zoals Bart De Wever zelf verklaart: “Ik kon natuurlijk niet voorspellen dat CD&V afzonderlijk zou verder gaan".

Snel akkoord?

Naar eigen zeggen, ging De Wever er eind oktober vanuit dat een akkoord bereiken met de uiteindelijke gesprekspartners van OpenVLD en CD&V erg gemakkelijk ging zijn. “Over 85% kunnen we het snel eens geraken”, aldus De Wever. Snel is wel een heel rekbaar begrip. Zo duurden de gesprekken over het thema stadsontwikkeling alleen al niet minder dan 23 uren! Blijkbaar liggen de overige 15% ook heel moeilijk, want bijna twee maanden later is er van een omvattend akkoord nog steeds geen sprake. Nu wordt aangekondigd dat het voor midden december zal zijn. We zullen dan kunnen zien of Marc Van Peel (CD&V) erin geslaagd is om het volgens hem “hardvochtige” sociale onderdeel van De Wever's formateursnota “grondig aan te passen”, dan wel of het alleen zal gaan om cosmetische veranderingen. Vooralsnog moeten de laatste knelpunten nog ontward worden (naar verluidt “15 knelpuntjes”) én... moet alles ingepast worden in het financiële plaatje. Ook dat belooft moeilijk te worden.

Trouweloos Groen

Tussendoor kreeg de in de steigers staande nieuw-rechtse coalitie nog goed nieuws te horen. Zo werd er een opening gemaakt in het district Antwerpen. Daar liggen de kaarten erg moeilijk. De Stadslijst van sp.a en CD&V gebaarde daar van krommen haas en deed net of er op het overkoepelend stedelijk niveau geen breuk in de onderlinge verhoudingen was gekomen. Met Groen had de Stadslijst eind oktober een partnerschapsakkoord om samen te zoeken naar een meerderheid in het district Antwerpen. Zo'n meerderheid kon er komen, als men in zee zou willen gaan met de PVDA (die in het district Antwerpen 3 verkozenen heeft). Probleem was echter dat de CD&V-vleugel van de Stadslijst niet wou weten van de PVDA, terwijl ook Patrick Janssens er niet warm voor liep (om het zacht uit te drukken). Waarop alles leek stil te vallen. Achter de schermen werden echter andere contacten gelegd. Uiteindelijk vroegen de verkozenen van Groen op een ledenvergadering om een onderhandelingsmandaat voor een districtscoalitie met... N-VA en OpenVLD. De leden stemden daarmee in.

Onbegrijpelijk

Het is quasi onbegrijpelijk waarom Groen zich heeft laten verleiden tot zo'n trouweloze keuze. Naar eigen zeggen“speelt het BAM-tracé en het sociaal beleid niet mee in het district” (wat nog te bezien valt – er is immers nog geen zicht op het uiteindelijke sociaal en mobiliteitsbeleid van de stad, aangezien de inhoud van het stedelijke bestuursakkoord nog niet bekend is). Ook denken sommigen binnen de groene partijtop naar verluidt dat deze districtscoalitie “er mee voor zal zorgen dat De Wever Groen in het district Borgerhout niet te veel dwars zal zitten”. Dat lijkt echter ijdele hoop (zie verder).

Propagandistische meevaller voor N-VA

Eigenlijk ondermijnt de ecologistische partij met deze keuze voor Rechts haar eigen oppositie op het overkoepelend stedelijk niveau. Wat daar 'onaanvaardbaar' is, kan immers blijkbaar wel in het district. Bovendien helpt Groen de N-VA hiermee aan een propagandistische meevaller van formaat. De lijsttrekster van de N-VA in het district Antwerpen is immers de Vlaams-Koerdische Zuhal Demir. N-VA zal dankzij Groen dus de pluim op de hoed kunnen steken de eerste 'allochtone' districtsburgemeester te hebben geleverd. Waarmee heel wat argumenten omtrent het 'extreem flamingantisme' van de N-VA meteen weer gepareerd kunnen en zullen worden. Tenslotte slaat Groen met deze beslissing de hoop aan diggelen van velen om tenminste ook in de kernstad een progressieve coalitie aan de macht te helpen brengen. Wat Groen met deze beslissing hoopt te kunnen winnen (behoudens een paar postjes) is volstrekt onduidelijk. Persoonlijk denk ik dat de beslissing vooral genomen werd vanuit een primair soort anti-socialisme. Het is bekend dat vele groenen (zeker in de kernstad) een immense afkeer hebben van de 'baronnen' van de sp.a. Die afkeer is begrijpelijk (de 'baronnen' hebben er tenslotte mee voor gezorgd dat er van 'socialisme' nog maar weinig sprake is bij de sp.a). Alleen, nu de sp.a op het niveau van de overkoepelende stad zelf in de oppositie zit, is de 'macht' van die 'baronnen' lang zo groot niet meer. Groen heeft zichzelf – maar ook de gehele progressieve linkerzijde – hiermee dan ook stevig in de voet geschoten. De N-VA haalt grijnzend weer een nieuwe slag thuis. Dankzij Groen!

Borgerhout

Anders verliepen de zaken in Borgerhout. Daar slaagden de kartellijst sp.a-Groen en PVDA er wel in om een progressieve meerderheid te smeden. Borgerhout is wel een beetje een 'speciaal' district. Zo bestond er daar geen Stadslijst van sp.a met CD&V. Wel vormden sp.a en Groen er – net als bij de vorige verkiezingen – een kartellijst. CD&V (2 verkozenen) viel onmiddellijk na de verkiezingen dan weer uit elkaar. Het dissidente raadslid Luc Moerkerke stapte er uit CD&V en zal zetelen als onafhankelijke. Hij onderschrijft nu de progressieve coalitie, waardoor die beschikt over een meerderheid van 14 op 25 zetels. Daardoor zal Borgerhout wellicht ook het enige district worden, waar de N-VA niet mee aan de macht zal zijn. Borgerhout is verder ook de eerste gemeente ooit waar de PVDA deelneemt aan het bestuur. Advocate Zohra Othman wordt schepen van Jeugd, Diversiteit en Samenlevingsopbouw. In een interview zegt ze dat de districtscoalitie wil “inzetten op meer publieke voorzieningen en een sterker sociaal weefsel”, want "Borgerhout is een gemeente met veel jongeren en veel diversiteit, veel armoede en werkloosheid. We moeten daar werk van maken". Verder neemt de progressieve coalitie ook stelling in het globale mobiliteitsdossier. Zohra Othman: “Borgerhout is volgebouwd. Meer parken, meer pleinen en meer groen zijn een noodzaak. We zijn absoluut tegen het BAM-tracé voor de ontsluiting van de ring rond Antwerpen. We willen de overkapping van de ring. Zo komt er veel meer plaats vrij voor groen in Borgerhout en wordt Borgerhout een stuk gezonder: minder fijn stof en minder lawaai.” Tenslotte is er in het progressieve bestuursakkoord zeer veel aandacht voor de participatie van de burgers.

Zure reactie

De in de steigers staande stedelijke nieuw-rechtse coalitie reageerde onmiddellijk afwijzend. In een gemeenschappelijke persmededeling stellen de Borgerhoutse N-VA, Open VLD en CD&V "met spijt vast (te stellen) dat veiligheid niet behoort tot de prioriteiten van het nieuwe districtsbestuur en dat het bestuursakkoord meer aandacht spendeert aan natuurbeleving met bijenhotels, eekhoorns, gierzwaluwen en eetbaar groen dan aan de aanpak van de drugshandel en criminaliteit". Waarmee nieuw-rechts meteen zeer duidelijk de eigen prioriteiten in de verf zet. Pijnlijk ook dat iemand als Nahima Lanjri zich daar achter meent te moeten scharen...

Waar is het ACW?

Heel opvallend bij dit alles is de oorverdovende stilte die opklinkt vanuit het ACW-hoofdkwartier aan de Nationalestraat. Inderdaad, de tot nu toe zeer invloedrijke christelijke arbeidersbeweging ondergaat blijkbaar alles in grote stilte. Het vertrek van de CD&V uit de Stadslijst, de coalitievorming met de N-VA en OpenVLD, de keuze van Groen voor een districtscoalitie met liberalen en nationalisten in de kernstad Antwerpen, de zure reactie tegen de progressieve coalitie in Borgerhout van o.a. Nahima Lanjri,... het deert hen allemaal blijkbaar niet. Toch is het niet zo dat de deelorganisaties van het ACW (en zeker hun activisten niet) nu ineens staan te springen van vreugde om zoveel rechts jolijt. Wel is het zo dat het gehele ACW in de touwen hangt, murw geslagen door de naschokken van het Dexia-debacle. De keldering van deze 'systeembank' heeft immers ook de speculatieve investeringen via de Arco-vehikels doen ineenstorten. Het resultaat daarvan is dat het ACW een grootscheeps herstructureringsplan dient door te voeren. Mede ten gevolge van dit plan, zal een aanzienlijk deel van hun kader op brugpensioen gestuurd moeten worden. Waardoor het ACW meteen beroofd wordt van een groot deel van haar praktische kennis en ervaring. Kortom: de christelijke arbeidersbeweging heeft momenteel andere dan politieke zorgen...

Inmiddels bij sp.a...

De mislukking van Patrick Janssens' plan om via de vorming van een Stadslijst met CD&V 'incontournable' te blijven, doet de sp.a zoals bekend in de oppositie terechtkomen. Daarmee is echter lang niet alles gezegd. Want, hoe moet het nu verder met de sp.a? Decennialang zijn de sociaaldemocraten het gewoon geweest de stad mee te besturen. Hun politiek personeel bestaat dan ook, naast enkele ervaren 'bestuurders', uit veel volgzame meelopers. Die laatsten moesten jarenlang ook niks anders doen dan de politiek van de 'bestuurders' zwijgend ondersteunen met hun stem in de gemeenteraad. Ook al zegt oud-burgemeester Bob Cools terecht dat “oppositie voeren heel plezierig kan zijn”, de 'bestuurders' zelf hebben niet veel zin in oppositie voeren, terwijl de overige raadsleden er wellicht niet eens de bekwaamheid voor hebben. Militanten aan de basis, in de wijken en bedrijven, heeft de sp.a ook al niet echt meer in overvloed. Daarvoor hebben de 'bestuurders' de partijwerking al veel te lang lam gelegd. Het is dan ook moeilijk in te schatten hoe de sp.a haar oppositierol nu concreet gaat invullen. Of, zoals ook in Antwerpen geldt wat Carl Devos vertelt over de sp.a in haar geheel: “De kameraden moeten dringend de straat op en op termijn hun hele partij binnenste buiten keren om ze vrijwel helemaal opnieuw op te bouwen”.

... en bij het ABVV

Een gebrek aan actieve militanten kan men de socialistische vakbond dan weer niet aanwrijven. Het ABVV beschikt over honderden militanten in tal van bedrijven en openbare diensten op Antwerps grondgebied. Daarmee is echter lang niet alles gezegd. Ten eerste is het zo dat die militanten weliswaar werkzaam zijn in de Antwerpse economie, maar daarom nog niet in Antwerpen wonen. Ten tweede is de leiding van het ABVV verdeeld. Onder hen bevinden zich naast sympathisanten (om niet te zeggen leden) van radicaal-linkse partijen als PVDA en Rood! vooral ook vele sp.a-ers. Bij die laatsten heerst er een zekere onvrede over de 'scheurmakers' van radicaal-links, die in hun ogen de sp.a-nederlaag veroorzaakt hebben (al wordt er ook ruiterlijk toegegeven dat de keuze voor een kartel met de 'tsjeven' daar ook voor veel tussenzat). Daarnaast zit de neiging om als vakbond een eigen (lees: niet-partijpolitieke maar vooral pragmatische) koers te varen er diep in. De verdeeldheid, samen met dit pragmatisme, zorgt er mee voor dat we van het ABVV tot op de dag van vandaag nog niets gehoord hebben over de plannen die Bart De Wever heeft met Antwerpen.

Ontslag Patrick Janssens

Uittredend burgemeester Patrick Janssens ziet de bui hangen. Hij neemt dan ook nu reeds ontslag als gemeenteraadslid. In zijn eigen woorden: “Ik ben de vele tienduizenden kiezers die geloven in ons project voor Antwerpen zeer dankbaar en ben ervan overtuigd dat we dat project ook vanuit de oppositie verder kunnen en moéten bewaken. (...) Maar dat gebeurt beter door andere mensen dan door een ex-burgemeester”. De beslissing tot ontslag op zich is niet echt verwonderlijk. Janssens is altijd al louter geïnteresseerd in 'realisaties' waar hij mee kan uitpakken. Zolang de stadsfinanciën zulke 'realisaties' onmogelijk maakten, was hij niet geïnteresseerd in een uitvoerend mandaat en liet hij de burgemeestersstoel warm houden door Leona Detiège. Zodra het geld echter beschikbaar kwam (vanuit de Vlaamse overheid) om 'dingen waar te maken', organiseerde Janssens via de Visa-affaire zijn eigen coup d'état. Nu er voor hem geen eer meer te behalen valt, zet hij onmiddellijk een stap opzij. Persoonlijk meen ik dat hiermee de leegloop bij de Antwerpse sp.a nog maar begonnen is. De partij dreigt daarbij achter te blijven als een zo goed als lege doos.

Tegenbeweging?

Hoe interessant het ook mag lijken, politiek bestaat gelukkig niet alleen uit de perikelen van partijen en personen en hun onderlinge wisselwerking. Er is ook nog zoiets als de maatschappelijke rol van sociale lagen en hun bewegingen. Daar lijkt een en ander stilaan in beweging te komen. Niet toevallig is het in de eerste plaats de meer creatieve laag van de bevolking die van zich doet spreken. Op zich is het voorstel van Behoud de Begeerte om het Pieter De Coninckplein om te dopen in Herman De Coninckplein niet meer dan een ietwat ironische speldeprik naar Bart De Wever toe. De burgemeester-in-spé kon er echter niet mee lachen en bruuskeerde meteen het hele artiestengilde. Waarmee hij meteen aantoonde dat hij er in de verste verte niet aan denkt om een verzoener te worden. Integendeel, hij blijft de man van het conflict en de confrontatie. In kringen van Ademloos, maar ook bij delen van de socialistische vakbond van het stadspersoneel (de ACOD-LRB) doen ondertussen ideeën opgeld om die confrontatie-logica te beantwoorden middels eigen mobilisaties. Zo circuleren er ideeën om de installatie van de gemeenteraad en van het nieuwe college te 'begroeten' met een of andere vorm van manifestatie. Tot nu toe behoort dit alles slechts tot de ruimte van de ideeën en staat er weinig concreets op stapel. Dat kan echter snel veranderen.

Zelfstandig optreden

De nieuwe, sinds mensenheugenis niet geziene situatie, waarbij Antwerpen exclusief door Rechts bestuurd wordt, zorgt voor de sociale meerderheid in de stad uiteraard voor problemen, maar misschien ook voor mogelijkheden. Het decennialange bestuur door sociaal- en christen-democraten heeft er niet zelden voor gezorgd dat sociale bewegingen aan de basis afleerden om zelf actief te strijden. In het prille begin werd dit nog tegengewerkt door de meer verstandige socialistische voormannen. Zo is er een leerrijke anekdote bekend uit de periode van het einde van de Tweede Wereldoorlog. Toen wisten dokwerkers en scheepsherstellers middels een wekenlange (door trotskisten geleidde) staking af te dwingen dat ze 'bibbergeld' kregen om te werken terwijl de vliegende bommen vielen. De toenmalige ACOD-vakbondsleider van het stadspersoneel (een zekere Frans Lauwers, vader van de huidige lokale sp.a-voorzitter!) ging toen naar burgemeester Camille Huysmans, met de vraag om ook aan het stadspersoneel dergelijk 'bibbergeld' uit te keren. Huysmans antwoordde daarop dat het stadspersoneel deze premie ook kon krijgen, als... "ze ook konden staken zoals de mannen van shop en dok". Dat standpunt verplichtte Frans Lauwers ertoe om een degelijke, militante vakbondswerking uit te bouwen (wat hij gelukkig ook deed). Waarmee de basis gelegd werd voor de uitbouw van een sterke socialistische overheidsvakbond bij het stadspersoneel.

Verschraling

Deze alertheid om de opbouw van eigen, militant-socialistische organisaties met een zelfstandige activiteit uit te bouwen, ging in de jaren daarna grotendeels verloren. Al te dikwijls stelden vakbondsverantwoordelijken zich ermee tevreden een beroep te doen op de 'bevriende' politici. Daardoor ging het zelfstandig optreden van vele militanten stilaan verloren. Dat proces werd nog versneld door de opkomst van het Vlaams Blok/Belang. Uit angst de extreem-rechtse oppositie in de kaart te spelen, werd de kritiek op beleidsmaatregelen (die er intern vaak was) eenvoudigweg ingeslikt. De huidige woordvoerder van de actiegroep stRaten-Generaal, Manu Claeys, wees in zijn boek 'Het Vlaams Blok In Ieder Van Ons' op de nefaste gevolgen daarvan. Het verdwijnen van een zelfstandige, maatschappijkritische activiteit van de sociale bewegingen zorgde er jarenlang voor dat het maatschappelijk en daarmee ook het politieke debat langzaam verschraalde. Het simpele gegeven dat de sociaaldemocraten geen deel meer gaan uitmaken van de macht kan dan ook bevrijdend werken voor tal van sociale bewegingen.

Het voorbeeld uit Aalst

De activisten uit de sociale bewegingen (en in de links-progressieve partijen!) in Antwerpen doen er daarbij goed aan om ook eens over de grenzen van de eigen stad te kijken. Zo is er bijvoorbeeld iets interessants aan het gebeuren in Aalst. De beslissing van de lokale sp.a om er deel te nemen aan een coalitie met N-VA en CD&V deed heel wat stof opwaaien. Heel wat Aalstenaars zagen dat duidelijk niet zitten. Onder de naam Noig Verontruste Aalstenaars verenigden ze zich in een gezamenlijk front. Secretarissen, militanten en leden van ABVV-centrales, van de PVDA, van andere linkse organisaties zoals Rood!, mensen uit het culturele veld en vele anderen nemen zich vast voor om de komende zes jaren actief oppositie te voeren, binnen en buiten de gemeenteraad. Het doet een beetje denken aan wat er in Antwerpen bestond eind jaren '70, begin jaren '80: een zeer breed Anti-Fascistisch Front, met een grote deelname vanuit de georganiseerde arbeidersbeweging (vakbonden, jeugdorganisaties en politieke partijen). Dat is wat vandaag in Antwerpen opnieuw moet gebeuren: een breed front vormen, binnen en buiten de gemeenteraad. Ditmaal niet om het fascisme te bestrijden, maar wel om daarmee een cordon sociale te leggen rond de nieuw-rechtse coalitie. Waarop wachten we?